Artikelen

 

Hans Fidom Improviseren moet tweede natuur organisten worden, vindt Henco de Berg
Het ORGEL 101 (2005), nr. 3, xx-xx [samenvatting]

 

In september 2004 is Henco de Berg benoemd tot docent orgelimprovisatie aan het Brabants Conservatorium in Tilburg. De Berg, zelf blind, benadrukt de betekenis van het uit het hoofd kunnen spelen van belangrijke werken uit de orgelliteratuur. ‘Zo krijgt de student,’ zegt hij, ‘het beste gevoel voor het optimale evenwicht tussen vorm en inhoud.’ IJkpunten zijn voor De Berg de improvisaties van organisten als Marcel Dupré en Pierre Cochereau en de manier waarop ze improvisatieles gaven; in Nederland noemt hij Arie J. Keijzer en Piet Kee als inspirerende musici. Kern van zijn aanpak is dat hij scherpstelt op de artistieke inbreng van de student: ‘Spelen kunnen ze wel – letterlijk zelf muziek máken gaat een forse stap verder.’ De Bergs ‘improvisatieklas’ bestaat uit vier studenten, ieder reeds afgestudeerd met een UM-diploma. De klas kenmerkt zich doordat er gestreefd wordt naar ‘concertmatig’ improviseren.