Artikelen

 

Stephen Taylor Verder met Distler
Het ORGEL 97 (2001), nr. 6, 5-11 [samenvatting]


Ondanks de twijfelachtige situatie in de orgelbouw in het interbellum, waren de jaren ‘30 wellicht de meest substantiële periode van de 20ste eeuw met betrekking tot het componeren voor orgel. Er verschenen belangrijke werken van componisten als Hindemith, Distler, Alain en Messiaen.

Hoewel de Sacre du Printemps van Strawinsky een sensatie had veroorzaakt in 1913, is zijn opmerking over traditie en vernieuwing het overdenken waard: ‘Een echte traditie is niet een overblijfsel van een niet terug te roepen verleden, het is een levende kracht die de tegenwoordige tijd bezielt en voedt. (...) Traditie impliceert niet dat er iets wordt herhaald, maar vooronderstelt dat er iets behouden is gebleven. (...) Traditie waarborgt de voortgang van de schepping. (…) Een vernieuwing werpt alleen vruchten af wanneer ze hand in hand gaat met de traditie.’

Het neoclassicisme, één van de vele artistieke bewegingen in de vroege 20ste eeuw, was een voorbode van een herwaardering van de techniek en structuur van barokmuziek. Een parallelle ontwikkeling in de orgelbouw (met de Orgel Reform van Rupp en Schweitzer en de latere Orgelbeweging), luidde een nieuw periode in het componeren voor orgel in: Hugo Distler (1908-1942) was ervan overtuigd dat een nieuwe en krachtige stap naar de toekomst alleen kon worden gerealiseerd door oude orgels en orgelmuziek te bestuderen, zoals hij uiteenzette in de woorden vooraf bij zijn twee orgelpartita’s in 1933 en 1935.

Veel van de orgelmuziek van Distler en zijn school (Pepping, Micheelsen, Reda), verankerd in de Lutherse koraaltraditie, is helaas in vergetelheid geraakt en vervangen door een armelijke soort ‘moderne’ kerkmuziek. In de meer traditionele hoek van de Gereformeerde Gezindte is zelfs een bloeiende markt voor slechte imitaties van barokmuziek, waarvan de kwaliteit het nog niet haalt bij derderangs componisten uit de barok zelf.

Distler, Pepping en Micheelsen verdienen meer aandacht: ze zijn een uitdaging voor de organist.