Artikelen

 

Jan Jongepier Het Maarschalkerweerd-orgel in de St.-Martinuskerk te Sneek
Het ORGEL 94 (1998), nr. 3, 26-33 [samenvatting]

Op 7 maart 1997 is het gerestaureerde orgel van de St.-Martinuskerk te Sneek (PII/27) weer in gebruik genomen. Het orgel is in 1891 gebouwd door Maarschalkerweerd. Het werd gerestaureerd door Flentrop Orgelbouw. Jan Jongepier was adviseur.

Maarschalkerweerd was een leerling van Jonathan Bätz. Zijn eerste orgels tonen Bätz' invloed. Al snel ontwikkelt Maarschalkerweerd een eigen stijl, met vrijstaande speeltafels en overblazende fluiten. Hij had oog voor ontwikkelingen in het buitenland: hij volgde het voorbeeld van Cavaillé-Coll door Barkermachines, verschillende winddrukken en orkestraal georiënteerde disposities toe te passen. Het orgel in Sneek toont deze Franse invloed. In de jaren 1890 begon Maarschalkerweerd in meer op de Duitse orgelbouw georiënteerde stijl te bouwen, met onder meer buizenpneumatiek.

Het gerestaureerde Maarschalkerweerd-orgel in de St.-Martinuskerk te Sneek Foto Frits Haaze

 

Sinds 1940 werden er in Sneek verschillende plannen ontwikkeld om het orgel te veranderen en te repareren. In 1963 probeerde de kerk het orgel te verkopen. In 1968 repareerde Vermeulen (Alkmaar) het orgel.

Nu het orgel door Flentrop is gerestaureerd, blijkt de klankarchitectuur hoogst interessant te zijn. Bijvoorbeeld: de boventoonrijke klank van de Prestant 8 en de Octaaf 4 vormen de basis voor de Mixtuur. Quint 3 en Octaaf 2 klinken wat ronder en zorgen daarmee voor de aansluiting van de Cornet. De verbinding tussen Hoofdmanuaal en Zwelwerk kan worden gerealiseerd met behulp van deze minder intensieve Hoofdmanuaalklank.

Sommige elementen begrijpen we nog niet, zoals de functie van de Flûte harmonique in het Zwelwerk: is het een solo- of een ensembleregister? Niettemin kunnen we concluderen dat het orgel in Sneek duidelijk laat horen hoe Maarschalkerweerd invloeden uit het buitenland gebruikte om zijn geheel eigen stijl te creëren.